Onderzoek

Printvriendelijke versie

In Nederland vindt specifiek nucleair onderzoek plaats, vooral bij het Reactor Instituut Delft (RID) en de Nuclear Research and consultancy Group (NRG) in Petten. Waar het universitaire RID zich wat meer richt op de fundamentele en toegepaste kanten van neutronenonderzoek, is het commerciële NRG vooral bezig met praktisch onderzoek. Bijvoorbeeld naar het gedrag van materialen in een nucleaire installatie van klanten of naar nieuwe mogelijkheden voor de productie van isotopen voor de industrie en de farmaceutische sector.

RID, Delft
Het Reactor Instituut Delft (RID) is in Nederland het universitair centrum voor stralingsgerelateerd onderzoek en onderwijs. Het RID is partner van nationale en internationale universitaire instellingen en draagt bij aan fundamenteel onderzoek op verschillende terreinen. Door een combinatie van expertise, de reactor, de juiste instrumenten en een laagdrempelige toegang is het RID ook het aanspreekpunt van bedrijven die op zoek zijn naar innovatieve toepassingen die bijdragen aan de efficiëntie, de veiligheid en de innovatie van producten. De onderzoeksreactor van het RID richt zich op wetenschappelijk onderzoek, het benutten van straling om betere functionele materialen en stoffen te ontwikkelen. Ook worden in Delft nieuwe toepassingen en optimale productiemanieren voor medische radio-isotopen ontwikkeld. Zodoende is Delft leverancier van kennis die in Petten kan worden toegepast.

NRG, Petten
De reactor van de Europese Commissie in Petten wordt bediend door de Nuclear Research and consultancy Group (NRG). Er vindt met hoge vermogens en hoge stralingsniveaus vooral materiaalonderzoek naar stralingsschade plaats, waarbij materialen getest worden voor toepassingen in hoge stralingsvelden. Bovendien is Petten een leverancier van radio-isotopen voor de medische industrie en doet dat op commerciële basis.

Samenwerken met Oxford, Engeland & Grenoble, Frankrijk
In Engeland staat de grootste gepulste neutronenbron van de wereld. In Frankrijk staat de krachtigste onderzoeksreactor ter wereld. De twee enorme onderzoekscomplexen herbergen de top van de wereld op het gebied van neutronenonderzoek. Ook Delft is partner. De onderzoekscomplexen betrekken instrumenten van het RID, dat ze voor dit instituut ontwikkelt en bouwt. En men maakt gebruik van Delftse kennis en ideeën. Bij het RID vindt fundamenteel en experimenteel onderzoek plaats dat bij deze grote instituten niet thuishoort. Op de carrière-ladder fungeert het RID dus als wetenschappelijk voorportaal .

Samenwerken aan de European Spallation Source
Europa heeft tot op heden een voorsprong op de rest van de wereld waar het gaat om neutronenonderzoek. Maar de Verenigde Staten en Japan zijn bezig met een inhaalrace. Als antwoord bereidt de Europese neutronengemeenschap de bouw van een gepulste neutronenbron voor die alle bestaande bronnen met een factor 10 zal overtreffen: de European Spallation Source. Door het combineren van kennis en kunde op Europese schaal wordt het mogelijk om in de wereldtop onze vooraanstaande positie te behouden. Nederland is gevraagd om via het RID aan dit project bij te dragen. Nederland zal via het RID dus een belangrijke rol spelen bij de ontwikkeling van deze Europese onderzoeksfaciliteit.

Samenwerken met het kernfusie-project ITER, Cadarache, Frankrijk
ITER is de prototype fusie-energiecentrale die in Cadarache (Frankrijk) door de internationale gemeenschap wordt gebouwd. ITER voldoet aan de eisen die de maatschappij daaraan stelt: veilig, betrouwbaar, ruim voorradige brandstof, minimale milieubelasting en economisch rendabel. Er is enorme wetenschappelijke en technische vooruitgang geboekt in het fusieonderzoek. ITER heeft als doel aan te tonen dat er met fusie inderdaad grootschalig energie gewonnen kan worden uit lichte atomen, die in zeer grote hoeveelheden op de aarde aanwezig zijn.

NRG onderzoekt samen met het Forschungs Zentrum Jülich uit Duitsland verschillende materiaalsoorten die bestand zijn tegen de omstandigheden in de kernfusiereactor. Het materiaal wordt blootgesteld aan een grote hoeveelheid neutronen waarna wordt gekeken hoe het materiaal zich gedraagt. Na bestraling in Petten worden de  componenten verstuurd naar het onderzoeksinstituut in Duitsland, waar het materiaal blootgesteld zal worden aan hoge warmtebelastingen, representatief voor wat er in ITER kan gebeuren.